Conferentie: AMA Winter in San Antonio (2 van 2)

Gisteren vertelde ik over mijn reisje naar San Antonio. Vrijdag, zaterdag en zondag was het echte conferentieprogramma. Academische conferenties zijn een belangrijk onderdeel van het ‘onderzoeker zijn’: je spreekt je collega’s van andere universiteiten nog eens, uiteraard zie je een beetje van de stad, je ziet wat anderen aan het doen zijn, en (voor mij vaak het belangrijkste): je krijgt feedback op je onderzoek.

Presenteren op conferenties

Als onderzoeker is de feedback die je krijgt op je onderzoek erg belangrijk. Normaal gesproken doe je onderzoek, en als het klaar is schrijf je je resultaten op in een artikel, dat je dan naar een wetenschappelijk tijdschrift stuurt. Een manier om feedback op je onderzoek te krijgen is om het onderzoek op conferenties te presenteren. Vaak heb je dan een tijdslot van 20 minuten met twee of drie andere sprekers in een sessie die ongeveer over hetzelfde onderwerp spreken.

Mijn presentatie was op zaterdag. Ik zat in een zogeheten ‘special session’ die van te voren door Hari (mijn college) was samengesteld. Hari, Huanhuan en ik hebben elk ons onderzoek gepresenteerd. Hari had een vrij ‘voorlopig’ onderzoek gepresenteerd, Huanhuan had haar dissertatie onderzoek voorbereid, en ik heb mijn ‘aerospace’ studie naar relational multiplexity gepresenteerd (voor de insiders…).

Hoewel mijn tijdslot om 8 uur ‘s ochtends was, kreeg ik toch nog best wat opkomst: een man of 20-25, met o.a. een paar belangrijke mensen uit het veld. Ik kreeg ook een aantal belangstellende en meedenkende vragen, en gedurende de zaterdag kreeg ik links en rechts te horen dat men het een goed verhaal vonden. Dat geeft altijd motivatie om er mee verder te gaan!

Ik ben nu geen PhD student meer

Hoewel ik in totaal 12 keer (vrijdag 5 keer, zaterdag 7 keer) ben gevraagd “in welk jaar ik zit” (dat betekent “in welke fase van je PhD zit je, en ben je dit jaar op de markt?”), ben ik echt geen PhD student meer. De PhD studenten die me dat vragen schamen zich kapot (want zoveel ouder dan zij ben ik niet) en zien mij, mede vanwege mijn kledingstijl, niet meteen als assistant professor. Faculty maakt die fout ook, en willen nog wel eens vragen of ik dan toevallig een postdoc ben. Nee, ik ben assistant professor. En waar dan precies? Penn State, zeg ik dan. En daar staan ze in de regel van te kijken, en vragen ze door…

(Ter info: de doorsnee conferentiebezoeker is 50 jaar oud, is man, heeft grijs haar en draagt een grijs pak of een beige broek met een blauwe trui (en sportschoenen). De vrouwelijke conferentiebezoekers hebben vaak een mantelpak aan, hetzij in grijs, hetzij in zwart, met pumps. Ik had een roze leren jasje aan en een taupe jurkje, en laarzen. En mijn haar is pas weer paars geverfd. Ik weiger om mij saai te kleden als het niet moet. Maar daardoor zorg ik wel voor verwarring.)

Ik vind het allemaal prima. Zolang men mij nog aanziet voor een PhD student hoef ik me niet al te veel zorgen te maken over rimpels.

Verplichtingen!

Die nieuwe rol als ‘faculty’ (in plaats van student) neemt wel verplichtingen met zich mee. Ik sta nu aan de andere kant aan de streep… en geef ik PhD studenten advies. Niet zozeer over de inhoud van hun onderzoek, dat kunnen hun begeleiders beter, maar ik kan ze wel uitleggen hoe een conferentie werkt, hoe ze er het meeste uithalen, en hoe ze hun presentatiestijl kunnen verbeteren. Dat geldt dan voor onze eigen Penn State studenten, maar ook voor andere studenten van andere universiteiten.

(Ter info: het is een ongeschreven regel dat je als faculty de rekening betaald als je met een groep gaat eten waar ook studenten bij zitten. Ook daar heb ik me aan gehouden. Uiteraard.)

Kansen!

En zelf krijg ik nu ook meer kansen, dat merk ik erg goed. Dat komt natuurlijk deels omdat er Penn State op mijn kaartje staat… maar ook mijn naam raakt bekend. En natuurlijk heb ik nu zelf meer autoriteit als ik zelf op een andere faculty afstap, om hem of haar nog wat te vragen over de presentatie. En dat is best fijn!

Meer dan op Marketing Science vorig jaar heb ik een aantal mensen leren kennen die belangrijk kunnen zijn voor later. Bijvoorbeeld Andrew Stephen, uit Pittsburgh (dat is dichtbij State College), een totaal toffe gast die superleuk onderzoek doet naar nieuwe fenomenen (zoals ook crowdsourcing) – het blijkt dat zijn onderzoek heel erg nauw aanligt tegen het mijne. Hij was erg geinteresseerd in mijn pitch van mijn crowdsourcingpaper. Een goed contact om warm te houden. En Vanitha Swaminathan, een full prof, ook van de Pittsburgh University – en medeorganisator van de conferentie die ook in mijn sessie zat en mij ook vragen stelde (en me uitnodigde om eens langs te komen in Pittsburgh als ik toch in de buurt ben).

Dan nog Tarun Kushwaha van UNC – waar Raj Grewal nu ook zit en Pranav ook naartoe verhuisd in de zomer. En Girish Mallapraghada, van Indiana University, die me ook goede feedback gaf (en daarnaast nog een heel stel mensen van Indiana die ik eigenlijk niet kende… – waaronder een toekomstige co-auteur van me… denk ik!). En natuurlijk kon ik weer even bijkletsen met Sandy Jap (Emory), Lisa Scheer en Murali Mantrala (Missouri), Leigh McAllister en Niket Jindal (UT Austin – Raji was er ook even), en Meike Eilert (Nebraska). En ook nog wat Nederlanders: Michel ter Borgh en Ed Nijssen (Eindhoven), en Jenny van Doorn (Groningen, het is altijd heel-heel-heel erg gezellig kletsen met Jenny – zij was ooit mijn eerste ‘faculty’ begeleider op het doctoral colloquium van EMAC in Kopenhagen, dus “we go way back”).

Het was al met al zeer nuttig.

En lekker warm bovendien. Een graad of twintig. Boven nul, wel te verstaan.

4 gedachtes over “Conferentie: AMA Winter in San Antonio (2 van 2)

  1. goed bezig, maar wat een temperatuurverschil heb je nu. van plus naar min twintig?
    leuk, om weer eens wat bekende mensen te spreken.liefs uit het mistige overijsel.

    • Eigenlijk ging ik van plus 20 (of zelfs plus 25) naar min 20, met een gevoelstemperatuur van min 38 toen ik op het vliegveld aankwam in de nacht van zondag op maandag. Overigens, hier is die gevoelstemperatuur waar het echt om gaat: je huid, maar ook leidingen en dergelijke bevriezen een stuk sneller.

  2. Jeumig, je zou er bijna een serie van kunnen fotograferen! Grijze pakken en jij een en al kleur! Ik vind het geweldig wat je allemaal doet!

    • Haha, goed idee! Ik zou eigenlijk onopvallend foto’s moeten maken van zo’n sessie en die grijze pakken. Kun je het verschil meteen zien… Het is trouwens erger hier in Amerika dan in Europa, heb ik het idee. Slechts heel soms zie ik hier een wat fleuriger gekleed persoon… en dat is van vaak iemand uit India!

Schrijf een reactie...

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s